Zo wordt budgetteren wel héél makkelijk!

En denk nou niet, budgetteren, daar snap ik toch nix van want met de 50/20/30 methode wordt budgetteren wel heel makkelijk.

In het kort, je berekent het netto-inkomen, dus het bedrag dat elke maand of vier weken op je bankrekening wordt overgemaakt.

Dat bedrag ga je verdelen in drie categorieën.

De eerste categorie is het grootst, 50%. Dan de tweede categorie, die is het kleinst, namelijk 20% en de laatste categorie is de resterende 30%.

Voorbeeld:
Je werkgever maakt elke maand € 2.000,- over op je bankrekening. De verdeling ziet er dan als volgt uit;
50% = € 1000,- is voor de eerste categorie
20% = € 400,- is voor de tweede categorie
30% = € 600,- is voor de laatste categorie

Tot zover nog makkelijk toch?

Wat valt er nou in de eerste categorie?

Hieronder vallen de uitgaven die nodig zijn om te (over)leven.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Huur of hypotheek
  • Noodzakelijke verzekeringen (bv zorg, motorvoertuig, inboedel, aansprakelijkheid)
  • Kleding (basis)
  • Gas, water en licht
  • Je dagelijkse maaltijd (geen afhaalmaaltijden of uit eten)
  • Vervoerskosten

Onthoud dat het de helft van je inkomen is dus besteedt het verstandig

De tweede categorie is die van 20%.

De categorieën de financiële prioriteiten. Dit is eigenlijk de meest belangrijke categorie. Het gaat over jouw financiële doelen en het realiseren daarvan.

In deze categorie vallen bijvoorbeeld:

  • Sparen voor noodgevallen
  • Sparen voor pensioen
  • Sparen voor de studie van kinderen
  • Aflossen schulden
  • Aflossen creditcard
De laatste categorie is die van 30%

Je persoonlijke uitgaven, dat wat je wil.
Uitgaven die niet noodzakelijk zijn om te leven. Je fun-money, je over-de-balk-smijt-geld.

Denk bij deze categorie aan:

  • Hobbies
  • Internet, tv, telefoon, internet
  • Uit eten
  • Kadootjes
  • Uitjes
  • Kleding
  • Sparen voor vakantie

Het leukste van dit potje, jij beslist!

Geld dat elke maand over is in deze categorie gaat door naar het tweede potje. Sparen valt hieronder, ook bv sparen voor een andere auto, een feestje of een vakantie.

Wat doet deze methode voor je?

Je inkomen onderverdelen in deze drie categorieën kan je helpen om te budgetteren en duidelijke grenzen te stellen aan je uitgaven. Je kunt nl. precies uitrekenen hoeveel je in elke categorie te besteden hebt.

Je krijgt inzicht in wat je nou echt nodig hebt en wat de dingen zijn die je wil hebben om het leven op te leuken?
Ook zorg je ervoor dat als het een keer tegen zit, je terug kan vallen op een potje dat je bewust daarvoor opzij hebt gezet.
Ik raad aan om die 20% niet op één hoop te gooien maar onder te verdelen in verschillende spaardoelen.

Je realiseert met deze methode sneller je financiële doelen omdat je elke maand dat gedeelte opzijzet.

Een plan maken voor je geld, dat doet deze methode.

Schiet nou niet meteen in de paniek als je het woord budget ziet. Het is geen zonde als je er een keer van afwijkt. Een budget betekent niet dat je geen leven meer hebt. Integendeel, je maakt je geen zorgen meer over hoe je het einde van de maand haalt.
Een budget helpt je om betere financiële beslissingen te nemen en een uitstekende manager te worden van jouw zuurverdiende centen.

Hoe je jouw netto-inkomen berekent is aan jou, neem je het netto bedrag van jouw of jullie loonstroken, neem je bonussen, toeslagen, alimentatie mee of niet, jij beslist.

Krijg je ‘m niet passend?

Als het in het begin er meer uitziet als de 60-15-25 methode, no worries!

Kijk dan na een maand eens kritisch naar de uitgaven die in jouw ogen dus noodzakelijk waren.

Probeer de methode gewoon eens een paar maanden, wie weet werkt ie voor je 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *